| loans |
WAT EEN GABBER IS
Probeer maar eens op internet te vinden wat gabber nou werkel'k is.
Dat is moeil'k, heel moeil'k. Ooit z'n er wel boeken zoals "Hakkuh & Strakstaan" geschreven die behoorl'k bij de essentie in de buurt kwamen. Gabber is voor iedereen anders. Maar de om gel'k korte mette te maken met een aantal vooroordelen het volgende. Gabber, het woord zegt het al, maatje.
Gabbers z'n heel sociale mensen, als je op de feesten komt is het net een grote familie. Een hechte groep is echter wel afschrikwekken voor de maatschapp'
omdat dat overwicht vormt.
Gabbers z'n GEEN racisten. Z' maken geen onderscheid tussen mensen van verschillende afkomst, met andere huidskleur of mensen uit een andere scene.
Veel gabbers gebruiken drugs, je hoeft echter geen drugs te gebruiken om gabber te z'n. Er z'n vele die de avond doorkomen met een Red Bull'tje in de hand.
Voor vele is de muziek, hardcore, herrie. Er z'n heel veel verschillende artiesten en dus ook heel veel verschillende soorten hardcore. Sommige z'n idd "bass". Echter z'n er heel veel nummers die verdomd goed in elkaar zitten, waar emotie in zit en dus werkel'k muziek is. Luister eens wat beter naar veschillende soorten hardcore, je zal erachter komen dat het beter in elkaar zit dan veel muziek die je
dagel'ks in de top 40 tegen komt.
|
Wat een buitenstaander fout interpeteerd |
|
|

EDM (Electronische Dans Muziek) > Dance > House > Hardcore > "substijlen" (substijlen: Oldschool, Terror, Speedcore, Darkcore, Happy Hardcore, Jump e.d.) Hardcore, de muziek waar gabbers naar luisteren, was de van oorsprong Nederlandse Housevariant die internationaal bekend werd. Iets unieks, want voor het eerst in de Nederlandse muziek/jongerencultuurgeschiedenis was er iets op eigen bodem ontstaan dat internationaal navolging kreeg. Vroeger was het bijna een standaardgegeven dat nieuwe muziekstromingen en bijbehorende modeverschijnselen uit Amerika of Engeland kwamen. Deze keer was het de beurt aan Nederland, maar Gabber haalde een deel van zijn inspiratie ook ergens vandaan... uit België. België heeft aan het einde van de jaren 80 belangrijke rol gespeeld in de ontwikkeling van House en Techno in Europa. België heeft iets met elektronische muziek: in de jaren 80 waren het de EBM (Electronic Body Music) en vooral de New Beat die België op muziekgebied bekend maakte. New Beat was begonnen in de Gentse club Boccaccio, waar men bij wijze van experiment de snelle Hi-NRG platen op 33 toeren was gaan draaien. Niet alleen de snelheid van de muziek, maar ook de frequenties van de geluiden veranderden daardoor. Een soort kunstmatig, computergestuurd geluid was het resultaat waarop voortgeborduurd werd door een aantal Vlaamse artiesten. Na eerst nationaal bekend te zijn geworden ging New Beat de grens over. België liet van zich horen met elektronische muziek in een nieuwe vorm: "This is the sound of C / The sound which creates a new dimention / This is a new style of music. The sound of C van de Confetti's werd een klein hitje in Europa en iedereen kon kennis maken met de robotdans en de aparte kledingstijl die New Beat met zich meebracht. (zwart/witte kleding, witte handschoenen) De New Beat rage was van korte duur, maar de basis voor elektronische muziek was gelegd. De langzame New Beat platen maakten plaats voor de wat snellere Techno die vanaf 1988/89 overwaaide vanuit Amerika. Het tempo ging weer omhoog, het 'machine' geluid van New Beat en Techno werd samengesmolten tot een nieuwe vorm, met als resultaat onder andere pump up the jam van Technotronic (=Techno X New Beat X HipHouse), de plaat die zo'n beetje de basis zou gaan vormen voor alle commerciëlere top 40 House die later ook wel Eurohouse of Pophouse genoemd word, zoals bijvoorbeeld de muziek van 2Unlimited en de groep Petra &co die in het Vlaams zongen over een soort techno-beat.) Dat de muziek behalve sneller ook harder werd is goed te horen in Acid Rock van Frank de Wulf's Rhythm Device. (hierin zijn trouwens nog duidelijk New Beat invloeden verwerkt) Die voorliefde voor hardere en vooral duistere muziek is waarschijnlijk afkomstig van de EBM achtergrond van een aantal artiesten. Het is daarom geen echte verassing dat een van de hardste techno producers van dat moment -Joey Beltram - uit New York zo'n grote invloed had in België. De tracks van Joey Beltram werden in België uitgebracht op het R&S label, een label uit Gent gerund door Renaat en Sabine Vandepaapeliere. Dit label, voorheen bekend als New Beat label was de thuishaven voor een aantal Amerikaanse Techno DJ's/producers die in hun eigen Detroit en andere plaatsen in Amerika nauwelijks erkend werden. Twee nummers van Joey Beltram kunnen gezien worden als essentiële tracks die Techno in België (en Europa) een nieuwe richting uit zouden voeren: allereerst Energy Flash en als tweede Mentasm (die hij samen met Mundo Muzique maakte en onder de naam Second Phase uitkwam). Vanaf 1991 kwamen onder het R&S label en labels als Music Man en 80aum de eerste mainstream en underground tracks uit die al duidelijk harder waren dan men tot die tijd gewend was, en sommigen daarvan waren duidelijk beïnvloed door het 'mentasm geluid' (Anastasia van T99, The spirit / The soul van Incubus, Mindcontroller van 80aum). Ook een aantal Nederlandse producten geïnspireerd op het geluid van Joey Beltram kwamen op een Belgisch label uit (of Belgisch / Nederlands zoals het HitHouse label dat onderdeel was van ARS uit Antwerpen), met als bekendste voorbeeld Dominator van Human Resource op R&S in 1991. Bigger, bolder, rougher, tougher In de zomer van 1991 was James Brown is dead van (Wessel van Diepen's) LA Style al een commerciële hit geworden. De boodschap van James Brown is dead was duidelijk: geen funk of soul meer, just noise. Een boodschap waar een tegen-antwoord op kwam van Holy Noise: James Brown is still alive. Holy Noise, de groep van DJ Paul Elstak had al wat tracks uitgebracht op het HitHouse label van Peter Slaghuis en was in het underground circuit van Rotterdam al vrij bekend. Tracks als Father forgive them en Get down everybody waren in de Rotterdamse club Parkzicht al een hit. Parkzicht was tegelijk ook de plek die Paul inspireerde tot het maken van zijn tracks. Parkzicht had sinds 1989 het roer omgegooid en was van punk/new wave club via danspaleis met bekende artiesten en themafeesten naar het draaien van House overgestapt. De bedoeling was wel om niet blindelings de Amsterdamse Acid-sfeer te kopiëren, dus werd er op zoek gegaan naar andere varianten. De techno uit België en varianten uit Amerika, Italië en Engeland bepaalden voor een groot gedeelte de stijl die vanaf toen gedraaid werd door DJ Rob (Jansen). Deze stijl sloeg goed aan bij het uitgaanspubliek, en werd al vrij snel bekend buiten Rotterdam. De sfeer was vanaf het begin al een undergroundsfeer, wel bekend, maar bij een bepaald soort publiek. Het deurbeleid was soepel, alles mocht, iedereen kon naar binnen, dit in tegenstelling tot de rest van de discotheken, waar nog altijd een soort dresscode heerste (netjes, verzorgd). bigger, bolder, rougher, tougher In de zomer van 1991 was James Brown is dead van (Wessel van Diepen's) LA Style al een commerciële hit geworden. De boodschap van James Brown is dead was duidelijk: geen funk of soul meer, just noise. Een boodschap waar een tegen-antwoord op kwam van Holy Noise: James Brown is still alive. Holy Noise, de groep van DJ Paul Elstak had al wat tracks uitgebracht op het HitHouse label van Peter Slaghuis en was in het underground circuit van Rotterdam al vrij bekend. Tracks als Father forgive them en Get down everybody waren in de Rotterdamse club Parkzicht al een hit. Parkzicht was tegelijk ook de plek die Paul inspireerde tot het maken van zijn tracks. Parkzicht had sinds 1989 het roer omgegooid en was van punk/new wave club via danspaleis met bekende artiesten en themafeesten naar het draaien van House overgestapt. De bedoeling was wel om niet blindelings de Amsterdamse Acid-sfeer te kopiëren, dus werd er op zoek gegaan naar andere varianten. De techno uit België en varianten uit Amerika, Italië en Engeland bepaalden voor een groot gedeelte de stijl die vanaf toen gedraaid werd door DJ Rob (Jansen). Deze stijl sloeg goed aan bij het uitgaanspubliek, en werd al vrij snel bekend buiten Rotterdam. De sfeer was vanaf het begin al een undergroundsfeer, wel bekend, maar bij een bepaald soort publiek. Het deurbeleid was soepel, alles mocht, iedereen kon naar binnen, dit in tegenstelling tot de rest van de discotheken, waar nog altijd een soort dresscode heerste (netjes, verzorgd). ("Amsterdam, waar lech dat dan? / Rotterdam, éch wel!" De eerste release van Rotterdam Records, het label van Paul Elstak. Zijn act met de Euromasters was vooral een tegenreactie op het stempel dat House uit Rotterdam minderwaardige muziek speciaal "voor gabbers" zou zijn. -Gabber zijn is géén schande!- staat er op het label. In het vinyl staat verder nog gekrast: "boodschap voor "elite" housers: dit is géén huiskamerhouse" en "someone's gotta be the hardest".) Op House-gebied groeide gabber uit van een underground-scene naar een bovengronds/commercieel gebeuren. In Nederland is Gabber sinds 1996/97 weer op zijn retour, maar in het buitenland bestaat nog steeds belangstelling voor de hardcore muziek uit Nederland. Op dit moment is er nog steeds sprake van een harde kern Gabbers in Nederland die weer terug in het underground circuit zijn gedoken. Een andere groep voormalige gabbers is via de hard-trance bij de trance-rage van vandaag uitgekomen. |